Is de kruipruimte hoog genoeg, dan isoleert u de begane grondvloer aan de onderkant: isolatie strak tegen de vloer, folie op de bodem, en de ventilatieopeningen in de gevel open. Milieu Centraal houdt als vuistregel minstens 35 cm onder de balken aan; is de kruipruimte lager, dan is bodemisolatie het alternatief. Laat u het werk door een bedrijf doen, dan kunt u ISDE-subsidie krijgen van € 5,50 per m² vloer (Rd ten minste 3,5, minimaal 20 m²; RVO, pagina gecontroleerd op 17 september 2026).
Stap 3 van 9 in Een woning renoveren · vorige stap: Strippen en slopen · volgende stap: Gevel na-isoleren
Vooraf: wat het Bbl eist
Bij verbouw gelden de technische regels voor nieuwbouw uit het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), maar met het rechtens verkregen niveau in plaats van het nieuwbouwniveau (art. 5.4 lid 1). Dat is het niveau dat vlak vóór de verbouwing was toegestaan; het mag niet lager zijn dan het niveau voor bestaande bouw en hoeft niet hoger te zijn dan nieuwbouw (art. 5.5). Hoe u dat niveau vaststelt, staat in stap 1.
Warmteweerstand. Art. 5.20 kent voor de vloer twee ondergrenzen, telkens “of het rechtens verkregen niveau als dat hoger is”:
- na het verbouwen van een scheidingsconstructie van de thermische schil: Rc ten minste 1,4 m²·K/W (lid 1);
- bij het vernieuwen of vervangen van isolatielagen: voor een vloer Rc ten minste 2,6 m²·K/W, bepaald volgens NTA 8800 (lid 2).
Onder welk lid het na-isoleren van een vloer zonder isolatie valt, zegt het Bbl niet: wat “vernieuwen of vervangen van isolatielagen” omvat, wordt nergens omschreven, en de IPLO-pagina over energiezuinigheid bij verbouw geeft er geen voorbeeld van. Wilt u zekerheid, leg het dan vooraf voor aan de gemeente. In de praktijk speelt het zelden: voor ISDE-subsidie moet het nieuwe isolatiemateriaal een Rd van ten minste 3,5 m²·K/W hebben. De Rc geldt voor de hele vloerconstructie en wordt volgens NTA 8800 bepaald; volgens Milieu Centraal draagt de vloer zelf daar zo’n 0,2 aan bij. Een vloer met zo’n laag komt dus ruim boven beide ondergrenzen uit. Vervangt u de hele vloer binnen een ingrijpende renovatie (meer dan 25% van de bouwschil integraal verbouwd), dan geldt voor dat deel het nieuwbouwniveau (art. 5.20 lid 4); na-isolatie aan de onderkant valt daar niet onder. Zie ook Rc-waarde eisen bij renovatie.
Vocht en luchtdichtheid van de vloer. Voor bestaande bouw eist het Bbl dat de vloer tussen een verblijfsruimte, toiletruimte of badruimte en de kruipruimte waterdicht is volgens NEN 2778 (art. 3.64 lid 2). Voor nieuwbouw komt daar een grens bij voor de luchtstroom vanuit de kruipruimte: een specifieke luchtvolumestroom van ten hoogste 20·10⁻⁶ m³/(m²·s), bepaald volgens NEN 2690 (art. 4.118 lid 4). Dat is een nieuwbouweis; bij renovatie geldt ook hier het rechtens verkregen niveau. Eisen aan de hoogte van de kruipruimte of aan ventilatieopeningen staan niet in het Bbl; de vuistregels hieronder komen van Milieu Centraal.
Gespoten PUR-schuim. Wordt PUR-schuim in de kruipruimte gespoten, dan mag er tijdens het werk en tot ten minste twee uur daarna niemand anders in de woning zijn dan de mensen die het aanbrengen, en wordt de kruipruimte tijdens het spuiten geventileerd met ten minste 30 keer het volume van de kruipruimte per uur (art. 7.22a).
Vergunning. Het gedeeltelijk veranderen van een bouwwerk is technisch vergunningvrij zolang de draagconstructie, de indeling in (sub)brandcompartimenten en de isolatie van de gevel niet wijzigen (art. 2.27 lid 1 onder b). Isolatie die tegen de onderkant van een bestaande vloer wordt bevestigd, verandert geen van die drie. Wordt de vloer zelf vervangen of worden balken vernieuwd, dan raakt het werk de draagconstructie, en dan is een omgevingsvergunning voor de technische bouwactiviteit nodig (art. 2.26 lid 1 onder c). Los daarvan kan het omgevingsplan een vergunning vragen, bijvoorbeeld voor nieuwe ventilatiekokers in de voorgevel, en bij een monument gelden eigen regels; zie Een verbouwing voorbereiden.
Het werk in volgorde
- Kruipruimte bekijken (zelf). Zoek het luik, meet de hoogte en kijk of er al isolatie zit. Milieu Centraal noemt 35 cm tussen de onderkant van de vloer of de balken en de bodem als minimum, en vanaf 50 cm “werkt het prettiger”. Isolatiebedrijven hanteren verschillende eisen; vraag daarom meer dan één offerte.
- De vloer keuren. Zijn er gebreken, zoals betonrot, blootliggend staal, houtrot, zwam of insecten, laat die dan eerst herstellen; moet de vloer eruit, neem dan een nieuwe geïsoleerde vloer (Milieu Centraal). Kijk ook naar optrekkend vocht in de muren van de kruipruimte en naar water op de bodem.
- Vloer- of bodemisolatie kiezen. Bij een bereikbare kruipruimte van minstens 35 cm kiest u volgens Milieu Centraal altijd voor vloerisolatie. Is de kruipruimte lager dan 35 cm of is er geen ingang, kijk dan eerst of uitgraven of een nieuw luik kan. Kan dat niet of is het erg duur, dan is bij een kruipruimte van 20 tot 35 cm bodemisolatie het alternatief, mits er geen leidingen lopen die bereikbaar moeten blijven en een gasleiding een mantelbuis heeft.
- Opruimen en dichtmaken. Haal losse stenen en hout weg, laat lekkages repareren en pomp water weg. Maak de gaten waar leidingen door de vloer gaan dicht, isoleer de cv-leidingen in de kruipruimte, maar de drinkwaterleidingen juist niet (Milieu Centraal).
- Bodemfolie leggen. Dampremmende folie, bij voorkeur PE, over de hele bodem en een stukje tegen de muur op. Staat er soms water in de kruipruimte, dan is er folie die kan drijven.
- Isolatie aanbrengen. Strak tegen de onderkant van de vloer en tegen de muren, zonder kieren. Bij een houten vloer eerst de houtvochtigheid meten: boven 20 procent wacht u met isoleren, anders sluit u vocht in tussen de isolatie en het hout. Glaswol en steenwol krijgen extra steun, zodat ze niet afzakken.
- Kruipluik meeisoleren en de kieren eromheen dichtmaken met isolatieband.
- Ventilatieopeningen controleren. Milieu Centraal noemt 1 cm² ventilatieopening per m² vloer, verdeeld over twee tegenover elkaar liggende buitenmuren. Ontbreken ze, dan worden er kokers schuin door de gevel geboord.
Foto: BillSmith_03303, CC BY 2.0, via Flickr
Zelf of vakman. Vloerisolatie aan de onderkant is volgens Milieu Centraal een klus voor een handige doe-het-zelver, ongeveer twee dagen werk. Maar zelf isoleren geeft geen ISDE-subsidie (zie hieronder). Wij raden een vakman aan voor gespoten PUR-schuim, het inblazen of volstorten van bodemisolatie, het uitgraven van een te lage kruipruimte (bij meer dan 20 cm adviseert Milieu Centraal een bouwkundige), een nieuwe vloer, en herstel van constructieve gebreken.
Waar het misgaat
- De rand van de vloer. Isolatie onder de vloer stopt bij de muur, en de spouwmuur loopt door tot in de fundering. Langs die rand kan warmte alsnog weglekken: een koudebrug. Milieu Centraal noemt het daarom “slim om meteen” de spouwmuur te isoleren, zodat er ook geen warmte weglekt “via de rand” van de vloer. Dat is de volgende stap: spouwmuur isoleren.
- Kieren in de isolatie. Overgeslagen stukjes, een niet geïsoleerd luik en open leidingdoorvoeren laten warmte en lucht door. Ook bij bodemisolatie moeten de naden en kieren van de vloer dicht. De rest van de luchtdichting volgt in stap 7: luchtdicht maken en ventileren.
- Ventilatiegaten dichtgezet. De isolatie mag de openingen in de gevel niet afsluiten. Zonder ventilatie kan de kruipruimte vochtig worden, met schimmel en houtrot als gevolg, en kan radon zich ophopen (Milieu Centraal).
- Vocht ingesloten. Een natte houten vloer isoleren sluit vocht in tussen de isolatie en het hout. Zonder bodemfolie komt er vocht uit de bodem in de kruipruimte en wordt de isolatie vochtig. Let op het verschil: bij het volledig vullen van een lage kruipruimte mag er juist géén dampremmende folie op de bodem liggen, omdat vocht dan in de bodem moet kunnen wegzakken.
- Leidingen onbereikbaar. Volgestorte bodemisolatie maakt leidingen onbereikbaar, en een gasleiding zonder mantelbuis mag niet onder isolatiemateriaal verdwijnen.
Kosten en besparing
Milieu Centraal geeft deze gemiddelden voor vloerisolatie aan de onderkant (pagina laatst gewijzigd op 14 oktober 2026; de kosten per m² volgen een kostenoverzicht van RVO, stand 1 januari 2026). De kosten zijn voor uitbesteed werk in een standaardsituatie, zonder meerwerk; de subsidie is voor één maatregel. De besparing geldt van geen naar goede isolatie (Rd 3,5), met een hr-combiketel en een gasprijs van € 1,37 per m³ (verwacht gemiddelde 2026–2040).
| Woningtype | Kosten | Subsidie | Netto | Gasbesparing per jaar | Besparing per jaar |
|---|---|---|---|---|---|
| Tussenwoning | € 2.150 | € 260 | € 1.890 | 80 m³ | € 110 |
| Hoekwoning | € 2.240 | € 280 | € 1.960 | 130 m³ | € 180 |
| 2-onder-1-kap | € 2.900 | € 350 | € 2.550 | 170 m³ | € 230 |
| Vrijstaande woning | € 4.200 | € 500 | € 3.700 | 250 m³ | € 340 |
Zelf doen kost voor een gemiddelde hoekwoning vooral materiaal: zo’n € 1.100 (Milieu Centraal). Bodemisolatie in een gemiddelde hoekwoning met 50 m² vloer kost € 1.600, met € 150 subsidie (netto € 1.450), en bespaart 100 m³ gas of € 130 per jaar, tegen 130 m³ en € 180 voor vloerisolatie (pagina bodemisolatie, laatst gewijzigd op 14 oktober 2026).
Subsidie
De ISDE voor woningeigenaren (RVO, pagina gecontroleerd op 17 september 2026):
- vloerisolatie: € 5,50 per m², isolatie tegen de onderkant of de bovenkant van een bestaande vloer, Rd ten minste 3,5, subsidie voor maximaal 130 m²;
- bodemisolatie: € 3 per m², Rd of Rbf ten minste 3,5, maximaal 130 m²;
- vloer- en bodemisolatie samen minimaal 20 m²; liggen ze in dezelfde kruipruimte boven elkaar, dan is er maar voor één van beide subsidie;
- een bonus voor biobased materiaal van € 2 per m² (vloer) of € 1 per m² (bodem);
- het bedrag verdubbelt bij meer dan één isolatiemaatregel, of isolatie plus warmtepomp, zonneboiler of warmtenet, binnen 24 maanden na de vorige maatregel; niet met alleen ventilatie, en de biobased bonus verdubbelt niet;
- per soort isolatie krijgt u maar één keer subsidie;
- het werk wordt uitgevoerd door een bouw(installatie)bedrijf: “U mag niet zelf isoleren”;
- aanwezige isolatie telt niet mee voor de Rd-eis; het product staat op de meldcodelijst; lokaal gespoten PIR of PUR met HFK-vrije blaasmiddelen;
- aanvragen binnen 24 maanden na de werkzaamheden, met een foto van het werk op uw adres en een factuur met m², dikte, isolatiewaarde en type materiaal;
- woning gebouwd vóór 1 januari 2019, of omgevingsvergunning aangevraagd vóór 1 juli 2018. Voor een koopwoning in de provincie Groningen of in Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo geldt een andere regeling.
Begroten
Voor een begroting van deze stap trekt u uit:
- m² vloer boven de kruipruimte, per kruipruimtevak, met de Rd en de minimale dikte uit de meldcodelijst;
- m² bodemfolie over de hele bodem, plus een strook tegen de muren: m¹ omtrek van de kruipruimte;
- bij bodemisolatie m² bodem en de laagdikte, voor de hoeveelheid in m³ (Milieu Centraal: EPS-parels minstens 25 cm dik);
- stuks: het kruipluik (isoleren en tochtband), de leidingdoorvoeren, en ontbrekende ventilatiekokers (Milieu Centraal: minimaal twee per gevel, in voor- en achtergevel);
- m¹ cv-leiding in de kruipruimte die geïsoleerd wordt;
- voorwerk als stelpost: opruimen, water wegpompen, herstel van de vloer, eventueel een nieuw luik of uitgraven.
Zelf of laten doen maakt voor de posten weinig uit, wel voor de prijs. Milieu Centraal noemt voor zelf isoleren per m² materiaal € 27 voor thermoskussens, € 23 voor 13 cm glaswol of steenwol en € 21 voor 10 cm PIR (alleen onder een betonvloer), pagina laatst gewijzigd op 2 juli 2026. Wie het laat doen, krijgt wel subsidie.
Voor aannemers die zulke hoeveelheden in een calculatie verwerken: Calcurabouw, van de uitgever van deze site, is bouwsoftware met calculatie, planning, inkoop en facturatie in één systeem.
Veelgestelde vragen
Hoe hoog moet een kruipruimte zijn voor vloerisolatie?
Milieu Centraal noemt als vuistregel minstens 35 cm onder de balken, en vanaf 50 cm werkt het prettiger. Isolatiebedrijven hanteren verschillende eisen. Voor gespoten PUR-schuim moet de kruipruimte minstens 50 cm hoog zijn. Het Bbl stelt zelf geen eis aan de hoogte.
Mag ik de ventilatieopeningen van de kruipruimte dichtmaken?
Nee, volgens Milieu Centraal moeten ze open blijven, ook tegen radon en zodat gas bij een lek weg kan. Alleen bij een luchtdichte betonvloer, zonder gasleiding zonder mantelbuis en zonder bereikbaar te houden leidingen, en met een volledig gevulde kruipruimte, kan ventilatie achterwege blijven. Laat dat beoordelen door een deskundige.
Krijg ik subsidie als ik de vloer zelf isoleer?
Nee. RVO eist dat een bouw(installatie)bedrijf het hele werk uitvoert: “U mag niet zelf isoleren.”
Eerst de vloer of eerst de spouwmuur?
Ze horen bij elkaar: het warmteverlies aan de rand van de vloer wordt pas kleiner als ook de spouwmuur geïsoleerd is. Milieu Centraal raadt daarom aan de spouw meteen mee te nemen, en in deze reeks volgt hij direct na de vloer. Voert u beide binnen 24 maanden uit, dan verdubbelt de ISDE-subsidie.